Turkse wolven of milde moslims
Door Erdal Balci TURKIJE

Vice-premier Sener: We hebben ons verleden van ons afgeschud.

Haalt de Europese Unie met de islamistische AK-partij milde moslims in huis die trouwe bondgenoten kunnen zijn in de strijd tegen moslimterrorisme? Of is dit een eerste grote stap richting islamisering van Europa? De meningen zijn, ook in Turkije, verdeeld.
"Voor ons huwelijk droeg mijn vrouw geen hoofddoek. Na ons huwelijk wilde ze ondanks mijn aandringen nog steeds geen hoofddoek dragen. Ik vond dat ze me hierdoor in verlegenheid bracht bij mijn vrienden en kennissen. De vrouw van de hoofdredacteur van het islamistische blad Girisim hoorde een hoofddoek te dragen. Ik was een van de vooraanstaande opinieleiders van de islamistische beweging. Uiteindelijk deed ze alsnog de hoofddoek op. Ik was zo opgelucht. Nu ik terugdenk aan die tijd en aan het gegeven dat ik haar zo onder druk heb gezet, kan ik alleen maar zeggen dat ik er spijt van heb.”
Mehmet Metiner, een van de vooraanstaande intellectuelen binnen de islamistische beweging in Turkije, heeft een boek geschreven. Hij is diep gaan graven. Het is een poging openhartig te zijn over het binnenste van de Turkse islamisten. Het is tevens een poging om antwoord te geven op de meest gestelde vragen in Turkije: 'Wie zijn deze islamisten die nu de meerderheid hebben in het parlement? Zijn zij de islam aan het verlichten of misbruiken ze het democratische stelsel om langzaam een infrastructuur neer te zetten voor een fundamentalistisch regime? Zijn het wolven in schaapskleren of gaat het hier om vrome lui die spijt hebben van de radicale ideeën die ze in het verleden koesterden?'
Sinds de verkiezingsoverwinning in 2002 zijn er veel Turken die zich het hoofd breken over deze vragen. En nu de Europese Unie over een volledig lidmaatschap van Turkije debatteert, zijn de vragen de Turkse grens overgestoken en afgereisd naar de Europese steden. Wat moeten de Europeanen van deze fundamentalisten van weleer denken? Nog maar een decennium geleden propageerden ze de sjariawetgeving en nu werken ze dag en nacht om Turkije de Europese Unie in te loodsen. Haalt de EU met deze AK-partij milde moslims in huis die trouwe bondgenoten kunnen zijn in de strijd tegen moslimterrorisme of is dit een eerste grote stap richting islamisering van Europa?
Een andere passage uit het boek van Metiner: ,,In mijn studententijd woonde ik in een studentenhuis met uitsluitend studenten uit onze politieke groepering. Ik was de baas van dat huis. Een paar van mijn huisgenoten keurden het luisteren naar muziek volledig af, omdat het in strijd zou zijn met de koranvoorschriften. Vooral als het om vrouwelijke zangers ging, vond bijna iedereen dat de vrouwenstem erotische gevoelens opriep, waardoor ernaar luisteren zondig was. Als baas van het huis mocht ik in mijn eentje een aparte kamer bewonen. Daar lag ik in de nachtelijke uren in mijn bed, deed cassettes van Sezen Aksu (de bekendste Turkse diva, EB) in mijn cassetterecorder, zette mijn koptelefoon op en luisterde uren achter elkaar stiekem naar haar prachtige liedjes.”
De Ak-partij komt voort uit de traditie van mensen die sinds de oprichting van de Turkse republiek in 1923 heimwee hadden naar het Ottomaanse Rijk. Zij waren kwaad omdat Atatürk, de generaal die de bevrijdingsoorlog won, een einde had gemaakt aan het Ottomaanse koningshuis en de theocratische staat verving door een seculiere. De nostalgie naar de tijd waarin de Sultan met zijn religieuze titel van 'kalief' door de hele moslimwereld als de grootste leider werd gezien en de ulema (de islamitische geleerden) de wetgeving zodanig interpreteerden dat het niet afweek van de verzen van de Koran, is altijd immens geweest.
Ze namen het Atatürk kwalijk dat hij de overwinning in de bevrijdingsoorlog voor zichzelf opeiste en de rol van de religieuze leiders zwaar verwaarloosde. Ze waren kwaad over de overgang op het Latijnse schrift. Dat vrouwen zonder sluiers op straat liepen en dat zij kiesrecht kregen, vonden ze maar niets. Maar hardop over hun gevoelens praten kon niet. Degenen die dat probeerden werden door Atatürk hardhandig uitgeschakeld. En na Atatürks overlijden nam zijn leger de rol als onderdrukker van de fundamentalisten maar graag op zich.
Het was Necmettin Erbakan die deze islamitische broederschappen, die veelal ondergronds functioneerden, eind jaren zestig in een politieke partij verzamelde. En aangezien elke politieke periode in Turkije gepaard ging met enorme corruptieschandalen en het volk iedere keer een nieuwe partij uitprobeerde die zich niet schuldig had gemaakt aan grootscheepse diefstal, kwam uiteindelijk zelfs Erbakan een keer aan de macht. De karikaturale Erbakan, die de onmogelijkste theorieën verzon over de ontwikkeling van het land en er zelf heilig in geloofde en hiermee de spot van heel Turkije over zich afriep, mocht van 1996 tot 1997 regeren. Het leger deed echter weer zijn plicht en dreigde hem zodanig met geweld dat Erbakan uiteindelijk aftrad. Een unie van islamstaten, een munt voor alle moslimlanden, vliegtuig- en tankproductie, enzovoorts. Al dat soort projecten konden weer terug in de la.
De jongeren binnen de partij probeerden na deze dreun eerst de macht over te nemen van de oude Erbakan. Toen dat niet lukte richtten ze hun eigen partij op, onder leiding van de ex-burgemeester van Istanbul, de charismatische Recep Tayyip Erdogan. Bij de eerstvolgende algemene verkiezingen, zes maanden na de oprichting van de AK-partij, verpletterden ze alle andere deelnemers. Ze wonnen een absolute meerderheid in het parlement.
De huidige premier Erdogan heeft enkele jaren geleden nog een gevangenisstraf van een paar maanden uitgezeten omdat hij dichtte dat de moskeeën de kazernes en de minaretten de raketten van de islam waren. Mehmet Metiner schrijft in zijn boek ook over de twijfels die bij de huidige vice-premier Abdullatif Sener leefden, vlak voordat zij aan de macht kwamen: ,,In onze jonge jaren geloofden we allemaal in een islamistische staat. Ik persoonlijk deed al vrij snel afstand van mijn radicale opvattingen. Bij veel anderen ging dat een stuk trager. Abdullatif Sener vroeg een keer heel openhartig aan mij: 'Geloven wij werkelijk in democratie of doen we alsof we er in geloven, omdat het ons een stuk dichterbij een sjariawetgeving brengt'? "Sener en alle anderen hebben jarenlang geloofd dat democratie en een partijenstelsel niet serieus genomen dienden te worden. Langzaam, met de jaren, is men de realiteit gaan inzien. Zo is dat ook met Sener gegaan.”
Niet alleen de premier en zijn vicepremier, de hele partij zit vol met vijfde-Verdieping tigers, die het Westen als de duivel beschouwden en de pro-westerse politici die voor lidmaatschap bij de EU ijverden, vergeleken met hongerige honden die om eten bedelen. Is het werkelijk de kracht van de politieke en maatschappelijke realiteit die hen de rug deed keren naar het voormalige idool Erbakan en hen naar de mildere AK-partij voerde, of is het de aantrekkingskracht van de macht die hen dwingt zich koest te houden zodat de macht - zoals bij Erbakan- niet uit hun handen glipt?
De meningen verschillen. De meeste seculieren geloven dat AK-partijleden een meesterlijke act opvoeren. Zoals Veli Karabudak, een gepensioneerde ambtenaar die tot een paar jaar geleden bij het ministerie van volksgezondheid werkte. Hij zegt: "Mensen die denken dat deze islamisten geen geheime agenda hebben, zijn naïef. Meteen nadat ze aan de macht kwamen, hebben ze ons het werken onmogelijk gemaakt op het ministerie. Ze zijn constant bezig mensen weg te pesten zodat ze hun eigen mensen kunnen plaatsen op die posten. Zelf ben ik met vervroegd pensioen gegaan. Over een paar jaar hebben ze op alle sleutelposities binnen de staat hun eigen mensen. Dan kunnen ze al hun fundamentalistische plannen uitvoeren.”
Anderen geloven in de oprechtheid van de AK-partij. Hakan Cinar, zakenman in Istanbul, zegt: "Ik kan me niet voorstellen dat ze zo goed kunnen acteren. Als ze werkelijk zo goed zijn, zouden ze naar Hollywood moeten. Dan winnen ze één voor één oscars. Ik ken een paar van deze mensen. Ze zijn werkelijk milder geworden. Ze hebben er zelfs spijt van dat ze hun jeugd vergooid hebben door die radicale ideeën. Het is een generatie mannen die geen vriendinnen hadden en met meisjes trouwden die hun moeders voor hen uitkozen. Ze kunnen die jaren niet meer inhalen. Maar ze weten dat ze een dergelijke manier van leven niet aan de rest van het land kunnen opdwingen.”
Of deze mannen wel of niet werkelijk veranderd zijn en of de Ak-partij wel of geen unicum is dat aan het bewijzen is dat de verlichting en democratie ook met een moslimachtergrond mogelijk is, het antwoord op deze vragen lijkt als zo vaak in het midden te liggen. De overspelkwestie bewees dat de AK-partij geen compact geheel is en dat deze partij van de ergste fundamentalisten de meeste liberalen binnen de gelederen heeft.
Enkele maanden geleden nog wilde premier Erdogan plegers van overspel, zoals vroeger het geval was, gevangenisstraf opleggen. De hele Turkse publieke opinie viel over hem heen, inclusief een groot deel van zijn partij en de islamistische pers. Daarnaast waren er ook partijgenoten die deze kwestie aangrepen om hun gif over de EU te spuwen. Een van hen schreef in de krant: "Straks willen de Europeanen ook dat wij toestemming voor homohuwelijken geven. Misschien gaan ze ook eisen dat we varkensvlees moeten eten . . .”
Het wetsvoorstel werd ingetrokken. Recep Tayyip Erdogan beseft dat zijn ideologische 'veranderingsproces', waar hij het zo vaak over heeft, nog niet ten einde is. Om de EU-maatstaven te halen, dient hij zijn persoonlijkheid - die sinds zo'n zes, zeven jaar aan verandering en ontwikkeling onderhevig is - nog wat meer door de Europese molen te laten malen.
Ook zijn vice-premier beseft dat. Abdullatif Sener, die zoals boven beschreven nog en paar jaar geleden niet wist of hij werkelijk de democratische waarden moest verdedigen of dat hij toneel moest spelen, zegt in een interview met de krant Milliyet: "Vroeger waren mensen in mijn ogen links, rechts, religieus, nationalistisch . . . Ik besef nu dat dat fout was. Ik heb geleerd om naar de persoon zelf te kijken. De 20ste eeuw was de tijd van ideologieën. Nu is dat niet meer zo. We hebben ons verleden van ons afgeschud.”

   
 
  Terug naar de inhoudsopgave van de artikelen en publicaties